Wonen en werken in ouderlijk huis

19/03/13 om 10:25 - Bijgewerkt om 10:25

21 jaar lang heeft Peter in zijn ouderlijke huis in Heverlee gewoond, samen met zijn ouders. Vandaag woont hij er opnieuw, samen met zijn vrouw en zoontje. De woning van toen is niet meer te herkennen in deze moderne gezinswoning.

De oorspronkelijke woning was een relatief kleine bungalow met een licht hellend ak, gelegen in een verkaveling uit de jaren 60. Peter, die plantkunde studeerde aan de universiteit van Leuven, woonde er zijn hele jeugd samen met zijn ouders. Tot hij Catheleyne leerde kennen.

Het koppel huurde eerst een woning in de buurt en kocht wat later een huis op een halve kilometer verder. "Maar in dat huis werd de toestand al snel onhoudbaar", vertelt Catheleyne. "De kinderkamer was een bureauruimte geworden, het huis barstte letterlijk uit zijn voegen." Toen de vader van Peter kwam te overlijden, besliste zijn moeder om naar een appartement te verhuizen. De ouderlijke woning kwam dus leeg te staan. Peter en Catheleyne aarzelden geen moment om het huis over te nemen.

Maar er was werk aan de winkel, de woning zou helemaal moeten worden verbouwd. Vrij snel stond vast dat het jonge koppel en hun zoontje op de benedenverdieping zouden blijven wonen en slapen. Net als vroeger, want in de originele bungalow was alles gelijkvloers. De hele - nieuwe - bovenverdieping zou dan worden ingericht als kantoorruimte en gastenverblijf.

"Dat was meteen de grootste uitdaging", aldus architect Sarah Flebus van Hasa Architecten uit Muizen. "In de oorspronkelijke woning was er geen bovenverdieping, alleen een schuin aflopend dak en een zolder die niet werd gebruikt. Er zou dus heel wat functionele ruimte moeten worden bij gecreëerd. Niet evident, er kwam zelfs een grondige stabiliteitsstudie aan te pas. Gelukkig kon de nieuwe verdieping zonder al te veel technische problemen worden gerealiseerd."

Meer ruimte

Maar ook de benedenverdieping is haast in niets meer te vergelijken met de vroegere toestand. Hier werd gezorgd voor veel meer ruimte en licht, want dat wilden Peter en Catheleyne absoluut terugvinden in hun nieuwe woning. "En contact met de tuin. Vroeger was dat contact, omwille van de kleine ramen, heel beperkt." Vroeger waren de keuken en leefruimte op de benedenverdieping van elkaar gescheiden. De leefruimte was klein, maar is nu verbreed en helemaal opengegooid. Nog op de benedenverdieping bevond zich oorspronkelijk een dubbele garage, met doorsteek naar toegang en keldertrap. En daarnaast een kleine bureauruimte, slaapkamers, een bergruimte en een badkamer. Vele ruimtes, maar niet echt ruim...

Bouwheer en architect gingen bij de verbouwing niet over één nacht ijs. Het was van meet af aan de bedoeling om, waar het kon, elementen van de ouderlijke woning te bewaren. Peter had tenslotte een emotionele band met het huis waarin hij was opgegroeid.

"Zo is de kamer waar Peter vroeger sliep, nu de kamer van zoontje Arthur. De meeste ramen zijn op de originele plaats gebleven, ze zijn alleen vergroot. In de leefruimte herinnert een opening aan de originele toegangsdeur tot de living... Niemand die hier over de vloer komt, weet dat, alleen wij", aldus Catheleyne.

Bouwheer en architect beslisten om de toegang tot de woning helemaal naar de andere kant van de woning te verplaatsen. "Dat deden we om de woning meer 'leesbaar' te maken voor bezoekers en om de inkom dichter bij de leefruimte te brengen", aldus architect Sarah Flebus. De nieuwe ingang kan worden gerealiseerd door een aantal muurtjes in de oorspronkelijke woning weg te nemen. De bovenverdieping werd, zoals reeds vermeld, ingericht als kantoor. Er komen veel mensen over de vloer en toch is er maar één ingang voor zowel het privé- als het kantoorgedeelte.

Toch maakten de bewoners er een zaak van om de privé- en beroepsvertrekken strikt gescheiden te houden. De leefruimte van de bewoners wordt met een schuifdeur afgesloten van de inkom. "De garageruimte werd in de nieuwe plannen geschrapt, wat voor de bewoners uiteraard heel wat extra woonoppervlakte opleverde", aldus architect Sarah Flebus.

Lees meer in het magazine Ik Ga Bouwen #359 (p20-27)

Dirk De Mesmaeker

Onze partners