In beeld: Hoe combineer je hout en beton tot een coherent geheel?

22/09/14 om 11:17 - Bijgewerkt op 16/02/15 om 11:37

Hout, beton en licht. Die basiselementen inspireerden tot het ontwerp van deze gul opengewerkte woning op het Waalse platteland. Dankzij het gebruik van twee bouwtechnieken, getuigt het resultaat van esthetische en functionele coherentie.

Na vruchteloos te hebben gezocht naar het huis van hun dromen, besloten de eigenaars uiteindelijk een nieuwe woning te laten bouwen op een ruim, zuidelijk georiënteerd perceel dat vrij over het omliggende platteland uitkijkt. We bevinden ons in een residentiële wijk in het dorpje Thieusies in de provincie Henegouwen. Hun plannen kregen vorm toen ze een realisatie zagen van het bureau LRArchitectes, geleid door zakenpartners Serge Landtmeters en Pascal Rahier.

Beton en hout

De tweevoudige bouwmethode speelt in op de respectievelijke wensen van de eigenaars. "Mijn echtgenoot werkte destijds in de cementindustrie", vertelt de vrouw des huizes. "Hij wilde dan ook bouwen in beton, tenminste voor een deel van het huis. Mijn voorkeur ging dan weer uit naar houtbouw. Eigenlijk is onze woning een compromis tussen beide opties." Het pand bestaat inderdaad uit beide bouwmaterialen boven elkaar. Het gelijkvloers en de tussenvloer werden vervaardigd uit beton, terwijl de verdieping en het dak een houten skelet kregen. Dat dubbel gebruik werd ook naar het interieur doorgetrokken: hout en beton wisselen elkaar af als vloerbekleding.

Indeling

Vóór ze de architecten carte blanche gaven, maakten de bouwheren eerst hun wensen duidelijk. Ze droomden van een moderne woning met veel licht en doorkijken op de omgeving. Voor alle ruimtes hadden ze ook een basisindeling uitgewerkt. Ze wilden beschikken over drie slaapkamers, twee badkamers, een bureau en twee terrassen, waarvan eentje overdekt. Het gelijkvloers reserveerden ze voor aan een (ruime) keuken, een wasruimte, een eetkamer en een salon.

In elkaar grijpende structuren

De oprijlaan, waar parkeerplaats werd voorzien, grenst aan de voorgevel van het huis. Die werd lichtjes schuin ingeplant om volop van de zuidelijke oriëntatie te kunnen genieten. De gevel bestaat uit een opeenvolging van muurtjes van zichtbaar gebleven betonblokken. De houten structuur die de verdieping vormt, grijpt zich daarop vast. En wel op een heel bijzondere manier: de structuur herbergt immers het salon, dat zich over anderhalf niveau uitstrekt. De verticaal aangebrachte bekleding in afzelia sluit perfect aan bij het volume met het salon en maakt de binneninrichting ook langs buiten zichtbaar. "Zoals in al onze projecten, was het uitgangspunt voor deze woning in de eerste plaats pragmatisch: een schets, een doorsnede en een inplanting", leggen de architecten uit. "Uitgaande van die afmetingen, kregen de volumes vorm. Daarrond werden dan de gevels opgetrokken. Het volume met het salon had logischerwijze esthetische implicaties voor de voorgevel. Op die manier werd de expressie van het geheel coherent. Uit die expressie moest zuiverheid spreken, wars van alle overtolligheden: eenvoud in haar puurste vorm." Aan tuinzijde worden de ramen in de achtergevel verduisterd door houten luiken, die bij dit opzet aansluiten. Als de gevelbekleding en de luiken met elkaar fuseren, is de esthetische eenheid van de verdieping perfect.

Meer oppervlakte

De oppervlakte van het houten volume met de verdieping is groter dan die van het gelijkvloers. Zowel in de lengte als aan de zijkanten komt het dan ook voorbij het volume in beton. Aan de westelijke zijde werd onder het vrijdragend gedeelte van de houten structuur een overdekt terras ingericht dat aansluit bij de keuken. De laterale overkragingen behoeden het gelijkvloers op zomerse dagen voor oververhitting én beschutten de lange ramen in de achtergevel in de winter tegen regen en wind.

Technische kernen

Op het gelijkvloers fungeren de opengewerkte volumes als technische kernen die zorgen voor een vlotte circulatie binnen de ruimte. Twee gesloten volumes ter hoogte van de inkom bieden plaats aan de waskamer, de vestiaire en een aantal wandkasten aan de ene kant, en het toilet aan de andere kant.

Het salon als overgang

Het gelijkvloers, dat achteraan bijna helemaal uit glas bestaat, beslaat een enorm plateau dat zich over twee niveaus uitstrekt. Aan de oostkant leiden enkele treden naar het salon met het tussenniveau en meer dan vier meter hoogte onder plafond. Dat salon vormt meteen de overgang tussen het gelijkvloers en de verdieping. Dankzij die configuratie, genieten de bewoners van een nóg weidser uitzicht op het platteland via ramen die hier iets hoger zijn geplaatst dan op de rest van de benedenverdieping. Zo wordt ook het ruimtegevoel verder versterkt. De volumetrie creëert een vierkant, verticaal effect, terwijl de rest van het gelijkvloers rechthoekig en horizontaal is.

Contact houden

Het bureau, ingericht op de verdieping, vormt een buffer naar de nachtzone, maar blijft met de leefruimtes in contact via een binnenraam dat over het salon uitkijkt. De visuele connectie blijft dus intact, hoewel er in het bureau geen geluiden van beneden doordringen. "In een gezinswoning moeten de ruimtes zó gestructureerd worden dat alle bewoners er vrij kunnen samenwonen zonder elkaar te storen maar met behoud van onderling contact", menen de architecten.

Losstaand

De noordelijk gelegen nachtzone is vanuit het salon te bereiken via een tweede reeks treden. Overal zorgen verticale raampjes voor voldoende natuurlijke lichtinval overdag. De twee kinderkamers hebben een eigen doucheruimte. De slaapkamer van de ouders en de badkamer liggen deels in het vrijdragend volume. Een kleine logeerkamer maakt het plaatje compleet. Tussen de gang en de eigenlijke nachtruimtes, werden technische voorzieningen en opbergruimte ingewerkt.

TEKST: Stephan Debusschere FOTO'S: Laurent Brandajs

LRArchitectes - www.lrarchitectes.com

Onze partners