De welfselleverancier

29/01/08 om 20:13 - Bijgewerkt om 20:13

Bron: Ik Ga Bouwen

Het Hof van Beroep te Antwerpen werd geconfronteerd met een bouwgeschil waarbij de bouwheer na verloop van tijd te maken kreeg met scheuren en barsten in de muren.

Het Hof van Beroep te Antwerpen werd geconfronteerd met een bouwgeschil waarbij de bouwheer na verloop van tijd te maken kreeg met scheuren en barsten in de muren. Het Hof heeft zich daarbij moeten uitspreken over de aansprakelijkheid van de bouwheer, de architect, de aannemer en de welfselleverancier die allen bij het concrete bouwgeschil betrokken waren.

De feiten

Een bouwheer liet een woonhuis met winkel optrekken. Hij contacteerde hiertoe een architect, die de plannen en berekeningen maakte en een aannemer. De architect had een volledige opdracht en verbond zich tevens tot de toezichtsplicht. De betonstudie werd door de architect toevertrouwd aan de leverancier van de betonnen welfsels. Na de voorlopige oplevering stelde de bouwheer vast dat er zich in het bouwwerk tientallen kleine en grote scheuren manifesteerden.

De bouwheer dagvaardt daarop alle mogelijks betrokken partijen. Er wordt een deskundige aangesteld door de rechtbank. Uit het onderzoek blijkt dat de talrijke barsten het gevolg zijn van vervormingen van de dragende elementen. Door de grote absolute doorbuiging in het midden van de welfsels worden de muren aan de straatkant losgetrokken van de zijgevels. De deskundige meent dat de stabiliteit van het gebouw niet in het gedrang is, maar dat de dragende elementen ontoelaatbare spanningen veroorzaken in de volgens hem te lichte wanden, met barsten tot gevolg.

Volgens de deskundige is de bouwheer zelf gedeeltelijk aansprakelijk gezien hij voor een "economisch" (lees: goedkoop) ontwerp met lichte wanden heeft gekozen. Ook in hoofde van de aannemer, architect en welfselleverancier wordt telkens een aansprakelijkheid weerhouden.

Het oordeel van het Hof

In tegenstelling tot de deskundige is het Hof van oordeel dat de gebreken de stabiliteit van het gebouw wel aantasten.

De bouwheer kan volgens het Hof niets verweten worden. De bouwheer is gerechtigd een werk te ontvangen zonder enig gebrek en mag ervan uitgaan dat de architect een keuze doet voor een werk dat in normale omstandigheden zonder enig gebrek kan worden gerealiseerd, zelfs al wordt er gekozen voor een goedkopere constructie. Daarbij werd de bouwheer in casu nooit gewezen op enig risico bij de realisatie van het gekozen goedkopere bouwsysteem met lichte wanden uit cellenbeton en kan hem geen enkele aansprakelijkheid ten laste worden gelegd.

Ook de aannemer kan volgens het Hof niets verweten worden. Het is niet de taak van de aannemer de stabiliteitsberekening uitgevoerd door de welfselleverancier te controleren. De architect wordt aansprakelijk gesteld. Het is aan de architect om te bepalen welke de maximaal doorgelaten doorbuiging is om zonder problemen lichte wanden op de welfsels te kunnen plaatsen. Volgens het Hof is het probleem in kwestie dan ook vooreerst een probleem van conceptie. De architect had de invloed van de doorbuiging van de welfsels op de niet-dragende wanden in cellenbeton moeten nagaan.

Bovendien gaat ook de welfselleverancier volgens het Hof niet vrijuit. Deze stond immers in voor het uitvoeren van de stabiliteitsstudie. Volgens het Hof werd in de stabiliteitsstudie onvoldoende rekening gehouden met de invloed van de doorbuiging van de welfsels op lichte wanden. De welfselleverancier had dienen te wijzen op het risico van het concept waarbij gebruik werd gemaakt van lichte wanden in cellenbeton die zonder bijkomende ondersteuning op de vloerplaten zijn geplaatst. Het Hof weerhoudt in deze omstandigheden zodoende een gedeelde aansprakelijkheid in hoofde van de architect en de welfselleverancier. Het Hof acht de welfselleverancier mede gehouden op basis van de tienjarige aansprakelijkheid.

Wat onthouden we hieruit?

De welfselleverancier wordt in voorliggend geval mede verantwoordelijk geacht voor een conceptfout. Dit is zeer uitzonderlijk te noemen. De tienjarige aansprakelijkheid viseert uit haar aard principieel de architect en de aannemer van het bouwwerk. De tienjarige aansprakelijkheid rust immers op iedere persoon, die zich bezighoudt met de studie of de uitvoering van het bouwwerk. In het licht van deze definitie lijkt de beslissing van het Hof dus wel te verantwoorden. De welfselleverancier was in dit geval immers belast met de stabiliteitsstudie waardoor hij volgens het Hof mede betrokken werd bij het concept van het bouwwerk. In die omstandigheden is de welfselleverancier volgens het Hof mede onderworpen aan de tienjarige aansprakelijkheid.

Sven Vernaillen & Joris Wouters Advocaten bij GSJ advocaten te 2018 Antwerpen, Mechelsesteenweg 27, tel. 03/232 50 60

Lees meer over:

Postcode

Onze partners